Drank is de belofte die altijd tegenvalt.

Een helder inzicht op de maandagmorgen.

Voor iemand die niet meer zonder drank (of drugs, of jóuw drug) kan, is het scenario maar al te vertrouwd:

We blijven gebruiken in de hoop dat het ons deze keer iets gaat opleveren (net als de vorige keer dat we daar innig naar verlangden).

Maar in het beste geval zijn we even later in onze roes tijdelijk vergeten dat we ongelukkig waren, dat we pijn voelden, dat we het niet meer weten.

Het maakt ons nooit tevreden en vervuld.

Het gaat nooit ergens heen, bouwt nooit iets op.

Het verlammende, verstorende effect van de drank verdoezelt automatisch en heel handig de gebrekkige werking ervan.

Het is de pil die je slikt om te vergeten waarom je zo verlangde naar de pil.

Omdat je er minder door gaat voelen en het je minder helder maakt, vergeet je vanzelf dat je verwachting opnieuw te hooggespannen was, dat je opnieuw tevergeefs hunkerde naar de magische werking ervan, en dat je voor de zoveelste keer blijft steken in het proces, in de demping, in het smoren.

En een deel van jou wil dat ook.

Drank is het ‘wapen van het ego’, van het verstand.

En de motor erachter is vaak ontevredenheid, het anders willen, leuker, feestelijker, wilder, avontuurlijker, ‘vrijer’, en dat probeer je dan te bereiken door het te forceren (wat eigenlijk heel onnatuurlijk is).

We dwíngen onszelf om het leuk te hebben, grenzen te verleggen, ons minder onzeker te voelen, uitbundiger te kunnen doen.

Om te veranderen, in elk geval tijdelijk.

Minder van dat wat we zo hartstochtelijk haten, maar op deze manier juist steeds méér worden.

We willen dat het anders is dan het is, het liefst meteen, en zien niet in dat ontevredenheid geen logische aanleiding is om te gebruiken, maar een symptoom van de verkrampte relatie met onze innerlijke wereld.

We durven simpelweg niet te voelen.

En dus gebruiken we ons middel om te smoren.

Niet voor niets word je minder helder van drank: je gezond verstand vertroebelt.

Drank maakt het lastiger contact te leggen met je intuïtie, omdat het als het ware je ego ‘aanzet’.

Je krijgt praatjes, hoort jezelf te graag (in herhaling vallen), maakt ruzie, wordt egoïstisch (hard praten), houdt minder rekening met anderen, wordt lomper, primitiever, en veel minder gevoelig voor de signalen van anderen.

En de pijn en het ongemak die dat oplevert, vormt de voedingsbodem voor een nieuw rondje vergetelheid.

En dan nog een.

Zo zit je gevangen tussen schijnprobleem en schijnoplossing.

Minder drinken is geen kwestie van vechten tegen de aandrang, maar draait om ontdekken hoe fucking mooi het leven is als je wakker en helder bent.

Dan is matigen of stoppen ook ineens veel eenvoudiger en vanzelfsprekender.

Dat gun ik je.

Dat je niet langer wegloopt voor wat je voelt.

Ik wens je een nieuwe dag.


Wie?

Wie?

01/09/2019

Geef een reactie