Zuipen op zondag.

Tot eind 2012 heb ik jarenlang elke zondagmiddag hetzelfde dilemma gehad:

Doe ik het niet, of doe ik het wél?

Houd ik het bij de kater van afgelopen nacht, zit ik die brakke dag uit (hoe kut dat ook is), ga ik vroeg naar bed zodat ik in elk geval zeker weet dat ik maandag weer een heel stuk frisser bent, of…

Of open ik toch dat ‘ene herstelbiertje’?

Ga ik tóch nog even langs de avondwinkel voor een fles wijn?

Gun ik mezelf dat roesje, die buzz, gewoon om de pijn een beetje te verzachten?

Wat ga ik doen?

In 99 van de 100 gevallen viel ik ergens tijdens die zondag om.

Soms plopte ik rond het middaguur al het verlossende biertje, met een dubieus gevoel van opluchting (en eentje werden er áltijd zes, of acht, of, fuck it, twaalf).

Soms kon ik het niet drinken volhouden tot wel 9 uur ’s avonds, zittend op mijn handen, om alsnog zuchtend en volautomatisch naar buiten te gaan voor drank, alsof ik werd gestuurd door onzichtbare handen.

Het was een gekmakend proces waarin ik ongelooflijk graag de juiste keuze wilde maken, maar vrijwel altijd weer overstag ging omdat de onrust me te groot werd.

Alsnog drinken betekende vrijwel altijd dat ik pas ’s nachts zou gaan slapen omdat mijn remmingen verdwenen en ik helemaal los ging, en dat ik maandag niet naar mijn werk zou gaan, voorspelbaar afhakend met een kort schaam-sms’je om 8 uur ’s ochtends, waarna ik snel de telefoon uitzette en doorsliep tot de middag.

De pijn en vernedering van het overstag gaan maakten het steeds lastiger om sterk en optimistisch te blijven, en elke keer dat ik toch maar weer halsoverkop in de drank dook, bouwde ik verder aan de toren van diepe teleurstelling over mijn leven en gedrag.

Een toren die steeds groter en hoger werd, en die ik alleen maar tijdelijk kon negeren door nog meer en nog vaker te drinken.

Genoeg.

Is stoppen met drinken moeilijk?

Nee, niet per se.

Stoppen betekent gewoon dat je ermee ophoudt.

Is het zwaar?

Dat is een ander verhaal, een ingewikkeld verhaal.

Vaak niet, soms juist enorm, gigantisch, vreselijk.

Als je heel veel en heel vaak gedronken hebt, is het een gewoonte die verweven zit in je leven, die diep in je systeem zit en onbewust het antwoord is op veel niet-gestelde vragen.

Als drank je troost is, je ‘welverdiende beloning’, dat wat je gebruikt om de scherpe randjes eraf te halen, lijkt het bijna misdadig om jezelf dat te ontzeggen.

Maar wat nou als je dat tóch wil?

Wat nou als je echt, ECHT genoeg hebt van dat patroon, van het steeds weer overstag gaan, van het niet nakomen van je beloftes (zelfs al meende je het serieus toen je ze maakte), van de leugens en de vele momenten in je leven waar je teveel bezig bent met je katers en het managen van je gewoonte om volop in het moment te zijn?

Wat als je steeds weer het voornemen hebt om het dit keer anders te doen, om de cyclus te doorbreken, om te kijken wat er over is van jou onder de krampachtige neiging om te vluchten, te dempen, te verdrinken?

Wat als je éindelijk wil ontdekken hoe de dagen er ook alweer eruitzien zonder gonzend hoofd, zonder zwarte gaten, zonder irritatie en frustratie en totaal gebrek aan geduld?

Wat als je wil weten wie je was voor je bent geworden wat zich door de zondag heen baalt en leeft met knagende spijt?

Dan stop je.

Dan stop je en blijf je gestopt, en neem je het per minuut, of per seconde, of per ademhaling.

Dan laat je de aandrang desnoods door je hele lijf gieren tot je denkt te ontploffen, maar vertrouw je erop dat toegeven geen verplichting is, omdat je ooit níet gedronken hebt, omdat je het nooit echt nodig hebt gehad.

Omdat het verleden niet meer telt, en je de vele pogingen kunt zien als goedbedoelde aanloop, in plaats van falen.

Er is een leven aan de andere kant van de verwarring, en je kunt jezelf geen groter cadeau geven dan te ontsnappen aan de illusie dat je niet zonder kunt.

Stoppen doe je nu, en je blijft het nu doen.

Daarom is het niet per se moeilijk.

Maar als het zwaar wordt, laat het dan gewoon zwaar zijn.

Het zegt geen fuck over wie je bent of waar het heen gaat.

Het is slechts een diepgewortelde reflex die simpelweg uit je systeem moet, en dat zal ook lukken als je de ervaring hier houdt, in dit moment, en de dramatische verhalen in je hoofd negeert.

Stoppen geeft je autonomie.

Het betekent dat je niet langer gemanipuleerd wordt door de onzichtbare handen.

En als je die zondag bent doorgekomen zónder te drinken, is daar op een gegeven moment de maandagmorgen, frisser dan je ‘m in tijden gekend hebt, met meer kansen en ruimte en vrijheid dan je in jaren ervaren hebt.

Dan ben je ineens écht opnieuw begonnen.

Dan heb je momentum.

En is het tijd voor een nieuw begin.

__

(Misschien zie je gewoon niet waar je moet beginnen of heb je wat helderheid en begeleiding nodig. Dat is onder andere wat ik bied. Mail me als je er klaar voor bent. En als dat nu is, mail me dan NU.)